Elk kind heeft recht op positieve begeleiding en de mogelijkheid zich te ontwikkelen binnen de voetbalactiviteiten van SV Den Hoorn. Daarom streeft SV Den Hoorn naar een opleidingsmodel dat voetbal vanuit intrinsieke motivatie en gelijkwaardigheid bevordert, in (1) het voetbalprogramma voor én (2) de begeleiding van alle jeugdspelers. In de onderbouw wordt gewerkt met een groepsbenadering in plaats van een teambenadering. Dit principe is – na evaluatie – met ingang van seizoen 2023/2024 geïntegreerd in het voetbalbeleid voor de jeugdigen in de leeftijdscategorieën van JO6 t/m JO12. Onderstaand geven we meer tekst en uitleg over het gelijke kansen beleid van SV Den Hoorn in de onderbouw.
Bij SV Den Hoorn was, net als bij veel andere verenigingen, in de praktijk sprake van een ‘beleid’ waarbij:
- De meeste aandacht uitging naar het hoogste team
- De ‘beste’ trainer/coach alleen op het hoogste team werd ingezet
- De focus van trainers/coaches (onbewust) gericht was op het winnen van wedstrijden c.q. het vergroten van winstkansen door:
- De oudste/sterkste kinderen in de hoogste teams (geboortemaand effect) te plaatsen
- Te spelen met/in vaste teams
- Kinderen in te zetten op vaste posities
- Ongelijke speeltijd te hanteren (lees: sommige kinderen vaker wissel te zetten)
- Te spelen volgens een vaste (veelal voorgekauwde) speelwijze
- Voor te zeggen tijdens de wedstrijden en kinderen ‘op scherp’ te zetten tijdens rustmomenten
- Niet winnen, de schuld van de scheids, de tegenstander en/of de kinderen was
Gelijke kansen betekent in de praktijk dat:
- Alle kinderen in een leeftijdscategorie even vaak kunnen trainen
- JO8 t/m JO10 trainen 2x per week;
- JO11 en JO12 trainen 3x per week
- Kinderen worden in groepen van 16 (O8 t/m O10), 20 of 30 (O11 en O12) kinderen ingedeeld.
- De kinderen binnen een groep zijn van gelijkwaardig niveau
- Uit de groepen worden 2 of 3 gelijkwaardige teams samengesteld
- Per groep worden teams bij aanvang van de competitie op hetzelfde (klasse)niveau ingedeeld
- De samenstelling van de teams wisselt per fase, ongeacht de resultaten
- Alle spelers spelen in wedstrijden op verschillende posities (Achter, Midden, Voor én Keeper)
- Kinderen krijgen tijdens wedstrijden evenveel speeltijd
- De groepen mogen twee keer per jaar (zomer en winter) van samenstelling wisselen
- Iedereen speelt minimaal één fase in het team met het hoogste nummer in de groep
- Per groep/per 2 groepen is er een technisch coördinator
Het gelijke kansen beleid loopt nog maar kort. Toch zien we in de praktijk op een heel aantal punten een positieve ontwikkeling. Bijvoorbeeld:
- De intrinsieke motivatie van kinderen om beter te willen worden in voetbal is – door te trainen in groepen en te spelen in teams die wisselen van samenstelling – meer centraal komen te staan
- De sociale interactie tussen kinderen is verbeterd, waardoor kinderen zich nog meer thuis en gewaardeerd voelen bij onze vereniging.
- “In wisselende samenstelling spelen en trainen is leuk, goed voor de sociale ontwikkeling en je hebt meer vriendjes”, was één van de reacties tijdens de evaluatie.
- Door het wisselen leren kinderen omgaan met verschillende kinderen, posities, coaches, etc. Ze ontwikkelen zich als mens én als speler. Ze worden beter in communiceren, krijgen een beter inzicht (maken betere keuzes) en ontwikkelen een betere techniek.
- En – gek genoeg – doen we (ook in de hoogste groepen!) – zeker niet onder voor andere clubs die wél met vaste teams en in vaste opstellingen (w.o. een vaste keeper) spelen. Kennelijk ontwikkelen de kinderen zich binnen dit opleidingsmodel voortvarend en in sommige opzichten zelfs beter.
- Ook de begeleiding door coaches en trainers is verbeterd. De trainers en coaches zijn steeds beter in staat te voorzien in de psychologische basisbehoeften van de kinderen. Ergo: het ‘Gelijke kansen’ beleid is dus ook een leer/verbetertraject voor trainers!!!
- Ouders dragen in toenemende mate bij aan een positief sportklimaat:
- Ouders benadrukken steeds vaker het belang van plezier i.p.v. (alleen) de resultaten
- Ouders geven hun kinderen steeds vaker positieve feedback
- Ouders beperken zich meer en meer tot aanmoedigen langs de lijn,
- Ouders tonen meer betrokkenheid bij de vereniging, onder andere door het verrichten van vrijwilligerswerk
Jeugdspelers hebben de volgende waarden en motieven hebben om te voetballen:
- Het maken van acties en scoren van doelpunten
- Een hoge betrokkenheid bij het spel
- Een gelijke score
- De mogelijkheid tot het maken van vrienden
Met ons gelijke kansen beleid geven we met elkaar zo goed als mogelijk invulling aan bovengenoemde waarden en motieven.
Het selecteren c.q. op eigen niveau laten spelen en trainen leidt tot gelijkere verdeling van het aantal momenten met de bal en hogere betrokkenheid per speler. Hierdoor hebben alle spelers meer kans op het maken van acties en scoren van doelpunten.
In plaats van trainen en spelen in teams, maken de kinderen deel uit van een groep van min of meer gelijkwaardige voetballers. We proberen hiermee de intrinsieke motivatie te stimuleren. We weten dat het huidige niveau van spelers geen garantie is voor de langere termijn. Bij jonge kinderen (voor de pubertijd is het giswerk) is het lastig te voorspellen wie het beste gaat worden. Daarom is een grotere groep langer, beter bedienen een logische invulling. We willen alle spelers zo lang als mogelijk, zo veel als mogelijk en zo goed als mogelijk voorzien van een zo optimaal en gelijkwaardig aanbod. Binnen groepen wordt er in principe niet geselecteerd. We proberen, ongeacht de resultaten, binnen de groep steeds opnieuw gelijkwaardige teams te formeren.
Om goed te leren voetballen, moet je vooral veel voetballen. Hierbij gaat het erom dat een speler in veel verschillende situaties komt waarbij voetbalhandelingen worden uitgevoerd. Bovendien hebben – door te wisselen van positie – alle spelers meer kans op het maken van acties en scoren van doelpunten. Bij jonge kinderen is het onmogelijk te zien wie het beste gaat worden op een bepaalde positie. Daarom willen we dus dat kinderen op verschillende posities spelen. Dit gaat op korte termijn misschien ten koste van teamresultaten, maar geeft de kinderen de mogelijkheid zich eerst breed te ontwikkelen en op latere leeftijd te specialiseren.
We willen zo veel mogelijk kinderen, zo lang mogelijk zien en zo goed mogelijk begeleiden. Zoals eerder gesteld is het onmogelijk om bij jonge kinderen (voor de pubertijd is het giswerk) te zien wie het beste gaat worden. Een bepaalde groep kinderen ontwikkelt zich namelijk pas op latere leeftijd. Daarom moet er aandacht zijn voor de hele groep. Iedereen krijgt daarin kansen aangeboden. Het wisselen tussen groepen kan plaatshebben in de zomer- en winterstop en is bedoeld om kinderen kansen te bieden om zich verder te ontwikkelen. Op een lager niveau kun je meer initiatief nemen en kom je vaker aan de bal. Op een hoger niveau moet er sneller gehandeld worden, omdat spelers minder tijd en ruimte krijgen van de tegenstander. Soms is spelen op een lager niveau – hoe gek het ook klinkt – juist goed voor de ontwikkeling!
De kinderen staan altijd centraal en dienen door trainers/coaches én ouders deelgenoot van het proces gemaakt te worden. We willen dat trainers/coaches de kinderen structuur bieden en ze daarover laten meedenken, dat ze kinderen op een positieve manier stimuleren en complimenten geven, dat ze de kinderen individueel aandacht geven en, zo mogelijk, ook een stukje regie overdragen aan de kinderen. Maar ook ouders spelen een belangrijke rol in het begeleiden van de kinderen. Ouders kunnen bijdragen aan een positief en veilig sportklimaat door het benadrukken van plezier, door positieve feedback te geven en door aan te moedigen langs de lijn. Ook een bepaalde mate van aanwezigheid en betrokkenheid bij de vereniging, onder andere door vrijwilligerswerk te verrichten, draagt bij aan een veilig sportklimaat.
Het gelijke kansen beleid is een succes als we er met elkaar in slagen om alle kinderen met plezier en met een intrinsieke motivatie om beter te willen worden in voetballen kunnen laten spelen en trainen. Daarbij is het belangrijk dat ze zich thuis en gewaardeerd voelen bij onze vereniging. Niemand heeft recht op een vast team, een vaste coach of een vaste positie. Ieder kind heeft wel recht op een positieve begeleiding en de mogelijkheid zich te ontwikkelen. Het is aan ons – de club, trainers, coaches én ouders – om de kinderen zich gezien, thuis en gewaardeerd te laten voelen.
Dan zou de meeste aandacht uitgaan naar de beste kinderen in het (hoogste) team en zou de focus van trainers en coaches (onbewust) meer gericht zijn op winnen, waardoor kinderen minder kansen krijgen om zich breed en op verschillende niveaus en posities te ontwikkelen. Dan zou het hanteren van vaste posities centraal komen te staan en de focus op overspelen komen te liggen, met alle gevolgen van dien voor de intrinsieke motivatie, de ontwikkeling en uiteindelijk het plezier dat kinderen beleven aan het spelen van voetbal. Als spelers willen winnen dan is dat OK, maar als trainers/coaches daar op focussen dan is dat een gevaar voor het positieve sportklimaat dat we – met elkaar – nastreven!